WK '99: met het Nederlandse
team naar Birmingham
Door: Nienke
Swart
Datum: 3 t/m 5 december 1999.
Zie ook de uitslagen van de
heren en de
dames,
alsmede de speed-uitslagen bij de heren en de dames.
Het Nederlandse team bestond uit Casper, Peter, Roman, Ferdinand, Erik en Monica. Zij hadden zich, op basis van hun
goede resultaten van het afgelopen wedstrijdseizoen, automatisch geplaatst
voor het WK '99 te Birmingham. Eleonora,
Yolanda en ik konden ons uitsluitend kwalificeren na
bewijs te hebben geleverd van vormbehoud. Uiteindelijk behoorde alleen ik tot
de gelukkigen. Jeroen was mee als
begeleider van het team en Dick en Reindert om te supporteren en te
netwerken.
Voor wie ons niet kent, en dat is waarschijnlijk het grootste deel, volgt
een kleine introductie. Casper en Roman verkeren nog in hun puberjaren, zij zijn
17 respectievelijk 18 jaar en klimmen van jongs af aan, heel fanatiek. Casper
ten Sijthoff is een technische klimmer, van wie we veel konden verwachten en
Roman is heel erg sterk en een echte volhouder. Gelukkig tonen hun scholen
begrip voor hun uit de hand gelopen hobby en mochten ze legaal spijbelen
(alweer!). Ferdinand is een paar jaartjes
ouder en heeft met name het laatste jaar veel vooruitgang geboekt. Hij is,
naar ik begrepen heb, bijna full-time met klimmen bezig (ook
beroepsmatig).
Pappa Peter Horning was, bij
afwezigheid van Erik Jacobs, de
oudste. Hij is meerdere malen, in afwisseling met Erik Jacobs, Nederlands
Kampioen geweest. Samen hebben zij, net als Casper en Roman, ook veel
...aanvaring met een Mercedes... |
internationale wedstrijdervaring. Beiden hebben hun eigen klimhal danwel
meerdere klimhallen. Beter bekend als Klimhal
Arqué te Enschede (Peter) en de Neoliet-Klimhallen (Erik) te Tilburg,
Eindhoven en Heerlen. Peter had zich fanatiek voorbereid, terwijl Erik helaas
door een aanvaring met een Mercedes
niet in staat bleek te zijn om te trainen noch om mee te komen. Monica is regerend Nederlandse kampioene
en beresterk. Ook zij is sinds kort full-time aan het klimmen en rust een
beetje uit van een zwaar afstudeerproject. En ik … ik geef liever geen
toelichting over mezelf. Jeroen Jongeneelen klimt zelf ook
fanatiek en maakt tegenwoordig zijn eigen klimpanelen (Jongeneelen
Klimpanelen?). Dick is manager sportklimmen bij de NKBV en Reindert van de
Sectie Sportklimmen van de NKBV.
We hadden donderdag 2 december afgesproken op het vliegveld in
Birmingham. Ik had een vlucht vanuit Eindhoven en zou er een paar uur eerder
...grijze krullenbol van Dick... |
zijn. Na 7 uur te hebben gewacht op het vliegveld in Birmingham - het
toestel van de rest van het Team kon niet opstijgen en ze moesten wachten op
een andere -, had ik de helft van mijn meegenomen boeken al uit, de
batterijen van mijn walkman verbruikt en een erg stijve kont van de niet al te
zachte stoelen van het meeting-point op het vliegveld. Gelukkig zag ik de
grijze krullenbol van Dick aan het eind van de middag boven de hoofden
uitsteken. Vlak daarna kwamen de anderen. Opgelucht haalde ik adem. Het zou je
toch gebeuren als Nederlands Team ........
We sliepen in een heerlijk hotel, waar ik een kamer deelde met Monica. Ze wist me erg op mijn gemak te
stellen en we hebben lekker kunnen kletsen over wedstrijden, voorbereidingen
etc. Morgen was het vrijdag en we moesten pas om 11.00 uur in de isolatie
zijn. Lekker even bijslapen van een zware werkweek en een lange reis. Om 7.30
uur belde Jeroen ons, tot onze ergernis, uit bed. Hij had zich vergist in de
...en vond een vrije greep... |
tijd (sommige mensen zijn altijd iets te fanatiek). Om 11.00 uur stonden we
voor de isolatie. Ik moest al als zesde starten en was bang dat ik niet genoeg
tijd had om op te warmen. Monica was een van de laatsten en de jongens
zweefden ertussen in. Er stond een lange rij voor de ingang van de
isolatie. De organisatie had nog niet alles onder controle. Tegen tien voor
half twaalf konden we eindelijk opwarmen. Maar helaas, het boulderdak bleek
maar iets van 30 m2 groot. En dat voor bijna 200 klimmende mensen, waarvan een
groot deel graag direct wilde opwarmen. Ik had nog 1 ½ uur. Ik rende
rondjes, sprong op en neer en vond een vrije greep die ik dan ook niet meer
heb losgelaten. Even voordat we de route mochten inlezen mocht ik nog even een
paar andere grepen vasthouden.
Monica en ik lazen samen de route in. Opgemerkt dient te worden dat je een
groot voordeel hebt als Nederlandse bij het inlezen, je steekt namelijk
minimaal een kop boven de rest uit en bent over het algemeen ook een stukje
breder (dat duwt en dringt beter). De wand bleek een met hoogglans (Gamma
huismerk?) geschilderde overhangende pilaar die eindigde in een knalroze met
zwarte strepen beschilderde knobbel (ik weet geen duidelijkere
omschrijving). Daar ging onze route doorheen. Aan weerszijden waren zwaar
overhangende structuurwanden bevestigd. Daar gingen de herenroutes
doorheen. Onze route kon opgedeeld worden in drie gedeeltes. Het eerste
...knalroze met zwarte strepen... |
gedeelte was overhangend met hele kleine greepjes; ideaal. We maakten ons
alleen ongerust over de gladde structuurloze ondergrond. Even afwachten. Het
tweede gedeelte was een dak. Meer iets voor Monica dus. Daarna verdween de
route in de onoverzichtelijke kuilen- en bobbelmassa van de roze puist. Het
zag er goed uit. De routes van de jongens zagen er van het begin tot het eind
krachtig uit (soms ben je blij dat je geen vent bent).
Ik was nog nooit zo zenuwachtig geweest. Wat miste ik de kalmerende
adviezen en de wijze raad van een coach. De anderen waren veel rustiger
(bedoelen ze dat nou met wedstrijdervaring?). Ik moest lang wachten in een
tussenruimte en koelde nog meer af voordat ik kon beginnen. Ik laadde me op en
ging vol goede moed aan de slag. Dat duurde maar even. Ik raakte dik in de
stress door een pas waarbij ik mijn voet heel hoog moest inzetten (lang zijn
heeft dus alleen voordeel bij het inlezen en niet bij het klimmen). De
structuurloze ondergrond liet weinig ruimte voor alternatieven. Ik raakte in
paniek. Onverzuurd en dus ook niet tevreden viel ik uit de route. Ik hoopte
dat de anderen het beter zouden doen.
De herenroutes zagen er erg maximaal (= krachtig) uit. Casper en Peter gingen soepel de rechter route door;
...we hoopten dat hij de halve finale zou
halen... |
een zwaar overhangende structuurwand. Peter zag bij een enorme sculptuur ver
boven de helft van de route, niet de juiste oplossing voor zijn voeten. Casper
kwam er een paar passen daarna ook uit. Hij klom ondanks zijn griep, waar hij
inmiddels iedereen mee had aangestoken, erg goed en soepel. We hoopten, dat
hij de halve finale zou halen. Roman en Ferdinand klommen de linkerroute. Deze route
werd gekenmerkt door nog zwaardere blokpassen, waar Ferdinand al in het begin
door in de problemen geraakte. Roman daarentegen klom krachtig door en zette
een goede prestatie neer. Ferdinand leek zich al net zo vervelend te voelen
als ik, terwijl Casper en Roman zich afvroegen of ze in de halve finale
zaten.
We moesten lang op Monica
wachten. Ik liep naar voren om haar aan te moedigen. Ik schrok toen ze
opkwam. Ze had een verband op haar arm! Wat had ze nu weer uitgespookt? Het
overvolle boulderdak? Maar, .... ze leek net zo relaxed als de dag ervoor en
klom lekker door. Een pas voor het dak kwam ze eruit. Ze zette niet dynamisch
genoeg in. We baalden. We hadden zo gehoopt dat tenminste een van ons door het
dak had kunnen komen en deel had kunnen nemen aan de halve finale. De routes
voor de heren en dames werden de eerste dag overigens maar door een enkeling
uitgeklommen. Er zat geen enkele Nederlander in de halve finale. Resultaat
was: Casper op een gedeelde 29e plaats,
Roman op een gedeelte 34e plaats, Peter op een gedeelde 39e, Ferdinand op een gedeelde 71e plaats, Monica op een gedeelde 43e plaats en ik op een gedeelde 55e plaats. De gedeelde
plaatsen bewijzen o.a. dat de maximale routes vol zaten met blokpassen.
Terwijl iedereen van de avondmaaltijd leek te kunnen genieten, evalueerden
Monica en ik onze slechte prestaties. Wat deden we goed en wat niet? Wat
...enkele nuttige ideeën... |
moeten we de volgende keer anders doen en hoe bereiden we ons beter voor? Ook
met de NKBV afvaardiging kwamen we tot enkele nuttige ideeën omtrent
uitzendbeleid, wedstrijdervaring etc. De routes zijn zeer maximaal, dus
volgende keer geen nadruk op continuïteit meer. Vooral mentale
voorbereiding is belangrijk. Een coach dus ook. Monica en ik besloten om samen
te gaan trainen (ondanks de grote afstand) en ondersteuning van mensen zoals
Ineke (Nederlands kampioene van een
aantal jaren geleden) en Erik te
vragen. Er kwam dus toch nog iets goeds uit het weekend. Veel geleerd en veel
ervaren. Achteraf heb ik bewondering voor de begeleiding die ons, ondanks ons
niet al te beste humeur, enigszins wist op te vrolijken.
De routes van de tweede dag (halve finale) leken minder zwaar dan de eerste
dag. 26 dames en 26 heren streden om een finaleplaats. De klimmers van wie we
beter verwachtten presteerden beneden de maat. We waren dus niet de enige met
een slechte dag. Yuji (Japan) klom
verschrikkelijk soepel in tegenstelling tot de broertjes Petit, Brenna en
Legrand. Bij de dames hadden Liv en Muriel
niet duidelijk de overhand. Dat zou nog wat beloven op zondag, wanneer de
finale plaats zou vinden. Gedurende de gehele dag letten we op de techniek en
tactiek van deze topklimmers.
Monica en ik deden in de avond nog mee aan de snelklimwedstrijd. Tussen
zwaar getrainde Russen en Oekraïners met turbodijbenen, speciaal gekomen
...Russen en Oekraïners
met turbodijen... |
voor deze tak van sportklimmen, maakten Monica en ik maar een slungelige
indruk. Maar we hadden iets goed te maken. De route inlezen was lastig, want
we moesten door onze lengte een aantal passen overslaan om toch nog snel te
kunnen klimmen. De jongens schreeuwden hun door griep gevelde stembanden extra
uit hun longen en het hielp. Resultaat was Monica 25e en ik 20e. Toch nog een beetje gepresteerd en
lekker afgereageerd.
Het stadion was op de finaledag bomvol. De deelnemers en zelfs de coaches
van de nog deelnemende teams werden in een uithoekje geplaatst, zodat de
betalende toeschouwers genoeg plek hadden om de wedstrijd goed te kunnen
zien. (Onze pubers wisten op een geheimzinnige manier de betere plaatsen te
bemachtigen.) De finale routes waren in tegenstelling tot de kwart en halve
finale route zeer continue en erg lang. De uiteindelijke uitslag was bij de heren zeer
verrassend en bij de dames, zoals
altijd.
NKBV bedankt voor de kans tot
wedstrijdervaring. Jongens bedankt voor de aanmoedigingen en Jeroen, Reindert
en Dick bedankt voor het vaak ondankbare regelwerk en de grandioze inzet. Ik
hoop het de volgende keer beter te doen. In vergelijking met de ervaringen van
Ineke, Miriam, Erik en Peter enkele jaren geleden in de steentijd
van het Nederlandse sportklimmen is er erg veel veranderd. Ik hoop dat deze
trend doorzet.