verslag
3e
lande-
lijke
A-
wed-
strijd
Door:
Youri van
Vliet
Datum: 8 januari 2000, seizoen '99/'00.
Plaats van
handeling: Klimhal (Amsterdam).
Zie ook de uitslag.
Wat is nu een goede wedstrijdroute? Een vraag die menigeen zichzelf
of iemand anders wel eens heeft gesteld. Vanzelfsprekend is er een aantal
elementaire punten waar men rekening mee moet houden.
Zo moet de route in theorie door iedereen te klimmen zijn. Ik doel dan op
het feit dat er geen passen in mogen zitten die door de iets kleinere klimmers
niet te doen zijn. Zelfs de theorie van Roman - die ik inmiddels welbekend
acht - mag niet meer recht worden gedaan. Je hebt uiteraard passen in een
route waar je voor- of nadeel van je lengte hebt, maar dit is een algemeen
gegeven waar we niet constant over hoeven te discussiëren. Dan zouden we in
principe per centimeter moeten gaan waarderen om consequent te zijn.
Een ander elementair punt is de veelgehoorde mening dat een route een
consistent geheel van homogene bewegingen dient te zijn. Die dienen naarmate
de top van de route in zicht komt in moeilijkheid op te lopen, met hier en
daar een blokpasje om voor voldoende schifting te zorgen. Maar dit alles is
naar mijn mening ook niet meer dan het strikt noodzakelijke. Deze punten komen
namelijk zowel het publiek als de klimmers ten goede. Volgens mij ben je een
goede klimmer als je je aan veel facetten van het klimmen kunt
aanpassen. Vanzelfsprekend ontwikkel je een natuurlijke specialisatie waar
jouw lichaam het beste raad mee weet.
De één kan bijvoorbeeld de nadruk
leggen op het technische aspect van het klimmen, terwijl de ander zijn of haar
voeten niet in de wand kan houden, maar wel hetzelfde klimt omdat hij of zij
wat sterker is. Waar ik naar toe wil is dat er geen standaard wedstrijdwand
mag bestaan, met een vast aantal bewegingen, met een vast merk grepen, met een
vaste hellingshoek en meer van dat soort onzin. Het mag best eens zo zijn dat
er op een wand wordt gebouwd waarvan de routes wat 'a-typischer' zijn! Ik heb
het over een route die dertig meter lang is, een wand van 5 graden waarop de
finale is gebouwd, een wedstrijd waar de routes zijn gebouwd met Tsjechische
grepen (mits ze vingervriendelijk zijn). Laat maar zien dat je veelzijdig
bent, laat maar zien dat je daar ook de beste in bent (ik verwijs niet per
definitie naar de mensen die over het algemeen meestal eerste
worden). Ontwikkel een breed scala van diverse bewegingen!
Natuurlijk hebben we in 1814 een grondwet
gekregen die ons bepaalde rechten gaf. Zo ook het recht van vrijheid van
meningsuiting, wat je in de positie stelt om te zeggen en verzwijgen wat je
wilt, mits je bepaalde wetten en plichten niet schendt. Maar wees niet zo
infantiel, door constant te zeiken op een wedstrijd wanneer er een route
geklommen moet worden die niet in jouw bewegingsrepertoire valt. Wat dat
betreft zouden we een stuk contemplatiever moeten zijn.
Ik wil de nadruk leggen op het feit dat dit mijn visie op het sportklimmen
is, maar dit geheel terzijde.
Het was een interessante wedstrijd, met al zijn op- en aanmerkingen
daaromheen. Wat in eerste instantie opviel was het grote aantal deelnemers,
zowel bij de vrouwen als bij de mannen. Later zou blijken dat er bij de mannen
maar liefst twaalf niet zouden komen opdagen. We waren dit maal - ik meen
voor de eerste keer sinds de welbekende Frederic
Sarkany veelvuldig meedraaide in de Nederlandse competitie - in het
gezelschap van een vijftal Zweden, waarvan er twee de finale zouden
halen.
Opvallend bij de vrouwen was het dat Nienke Swart, die afgelopen keer nog knap
gedeeld eerste werd, dit keer niet meedeed. En wat ook frappant was, was dat
Judith weer eens een kijkje kwam nemen
(zie rechts). Bij de heren was het Casper die opviel door het niet-deelnemen
aan de wedstrijd. Hij zou samen met Michel
en nog twee insiders van de klimhal het
routebouwen coördineren.
Na een veel te lange en vertraagde briefing begon de wedstrijd. De
kwalificaties van de mannen waren mooi, erg mooi, maar ook erg
gemakkelijk. Later zou dan ook blijken dat je ze allebei moest uitklimmen om
in de finale te zitten. De kwalificaties waren volgens mij wat aan de
makkelijke kant, doordat er te weinig getest was. Niettemin is het
belangrijkste dat de routes mooi zijn, en dat waren ze. Voor zover ik het kon
constateren waren de kwalificaties van de vrouwen beter uit de verf gekomen,
waarbij de tweede route een stuk lastiger was. Zo kwam het, dat nagenoeg alle
vrouwen (op twee na) de eerste route topten en maar vijf vrouwen boven kwamen
in de tweede route. Wederom waren die routes erg mooi en goed opgebouwd.
Over de finales kan je een aantal algemene uitspraken doen. Ze waren
allebei erg mooi en goed opgebouwd, al zou je dat van de mannenfinale niet
zeggen als je kijkt naar de uitslag. De herenfinale was alleen weer erg
makkelijk, waardoor er onvoldoende schifting werd gemaakt. Volgens de toppers
(letterlijk en figuurlijk) was de finale maar een 7c, en dat is ondanks het
niveau van de gemiddelde Nederlander te laag.
![[ Patrick Coenen ]](/images/9900/a3coenen.jpg)
Opvallend was de come-back van dhr. Coenen (zie hierboven). Patrick, die een jaar uit de running heeft
gelegen door een akkefietje ergens in Duitsland, werd verrassend
eerste. KLASSE. Marijn zat met zijn hoofd
ergens in de sneeuw van Zuid-Frankrijk en had daardoor dan ook niet zoveel
trek in de finale, wat resulteerde in een gedeelde laatste plaats. Bert Dijkink klimt al jaren wedstrijden op
een solide niveau en haalt dan ook meestal wel de finale, maar in die finale
weet hij niet altijd het maximale eruit te halen. Dit keer moest hij het dan
ook doen met een gedeelde laatste plaats. Roman (zie hieronder) deed wat van hem verwacht
werd en klom de route soepel uit.
Dirk was weer eens uit
vorm vanwege zijn studie, wat uiteindelijk nog wel meeviel, en haalde een naar
omstandigheden goede vijfde plaats. Ik nodig iemand anders uit om mij af te zeiken :-) . Sascha liet geen overweldigende indruk
achter. In het begin ging het erg moeizaam, maar hij vocht zich toch naar een
zevende plaats! In tegenstelling tot Sascha klom Ferdinand erg sterk. Het was dan ook een
anticlimax toen hij er zo onverwacht uitviel. Een gedeelde vijfde plek is zijn
resultaat.
Adriaan Labout doet naar mijn weten pas
sinds dit jaar mee aan de Nederlandse competitie, en maakt toch een solide
indruk. Zo ook dit keer. Ik ben ervan overtuigd dat hij nog een stuk kan
groeien in de wedstrijdsport en daarmee ook een geduchte medeklimmer kan worden. En als ik het over groeien heb
dan kan je dat ook zeker tegen de Zweed Anders Lantz zeggen, die een gedeelde
achtste plaats behaalde. Hij klom snel, efficiënt, tot het punt waar hij
moeite had een setje in te klikken. Hier strandde ook zijn souplesse en
efficiëntie. Hij vocht door, haalde zelfs de eerste crux en strandde net
voor de relatieve rust.
Het spektakel bij de heren die avond was André. Hij dacht, wat Yolanda kan, kan ik ook en klom verreweg
het meest overtuigend. Hij klom in een stijl die we graag van hem zien: snel,
punctueel met zijn voeten, en op de juiste momenten rusten zoals het
hoort. Ook hij eiste een eerste plek op. En dan hebben we nog het klimtalent
Jorg. Jorg is pas veertien, heeft
onlangs zijn eerste 8a geklommen en bij internationale wedstrijden vindt hij
goede aansluiting bij de top. Hij was de avond tevoren teruggekomen van een
tweeweekse sneeuwstampvakantie en dat was ook te zien aan zijn
klimmen. Niettemin behaalde hij maar liefst een vierde plek!
De finale van de vrouwen zag er erg puik uit: een opbouwend geheel door een
hele mooie lijn. De verdedigster van de eerste plek in de stand, Maaike dus, liet hier een wat weifelende
indruk achter. Het was alsof ze van haar a-propos raakte, toen ze zichzelf
corrigeerde om een greep te pakken die wel degelijk wit was. Yolanda won dit keer zeer overtuigend door
als enige van de elf vrouwen de finale uit te klimmen.
![[ Helma Verleun ]](/images/9900/a3verleun.jpg)
Tot slot wil ik de hele organisatie bedanken die deze wedstrijd mogelijk
heeft gemaakt. Tot bij de volgende A-wedstrijd in Roosendaal!
Hoogachtend, Youri van
Vliet.